Kieswet

Inhoud

Artikel E 4

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 10-10-2015.
  1. Burgemeester en wethouders benoemen tijdig voor elke verkiezing de leden van elk stembureau en een voldoend aantal plaatsvervangende leden.

  2. Als lid en plaatsvervangend lid van het stembureau kunnen worden benoemd degenen die op de dag van de stemming de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt en na het volgen van een training naar het oordeel van burgemeester en wethouders over voldoende kennis en vaardigheden beschikken op het terrein van het verkiezingsproces, met uitzondering van degenen:

    1. die op de dag van de kandidaatstelling bij onherroepelijke rechterlijke uitspraak van het kiesrecht zijn ontzet;

    2. die als lid van het hoofdstembureau dan wel het centraal stembureau voor de desbetreffende verkiezing zijn benoemd;

    3. die als stembureaulid bij een vorige verkiezing hebben gehandeld of een handeling hebben nagelaten in strijd met het bij of krachtens deze wet bepaalde.

  3. Het lidmaatschap van het stembureau eindigt van rechtswege nadat over de toelating van de gekozenen is beslist.

  4. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de training, waaronder regels over een toets. Hierbij kan worden bepaald dat uitsluitend degenen die de toets met goed gevolg hebben afgelegd als lid of plaatsvervangend lid van het stembureau kunnen worden benoemd.

01-01-2026 Huidig 01-08-2025 Historisch 12-02-2025 Historisch 20-06-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 24-03-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-07-2021 Historisch 01-07-2020 Historisch 22-02-2019 Historisch 01-01-2019 Historisch 01-08-2018 Historisch 28-07-2018 Historisch 13-06-2018 Historisch 25-05-2018 Historisch 01-12-2017 Historisch 01-10-2017 Historisch 10-06-2017 Historisch 12-05-2017 Historisch 01-04-2017 Historisch 02-01-2016 Historisch 01-01-2016 Historisch 10-10-2015 Historisch 30-01-2015 Historisch 01-01-2015 Historisch 29-11-2014 Historisch 10-10-2014 Historisch 01-07-2014 Historisch 06-01-2014 Historisch 01-12-2013 Historisch 17-10-2013 Historisch 29-06-2013 Historisch 01-01-2013 Historisch 01-04-2011 Historisch 01-01-2011 Historisch 10-10-2010 Historisch 01-01-2010 Historisch 01-01-2009 Historisch 01-12-2008 Historisch 21-11-2008 Historisch 01-07-2008 Historisch 01-01-2007 Historisch 11-10-2006 Historisch 11-05-2005 Historisch 01-01-2005 Historisch 01-03-2004 Historisch 01-07-2002 Historisch 07-03-2002 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-12-2013.

Tekst van deze versie

  1. Burgemeester en wethouders benoemen tijdig voor elke verkiezing de leden van elk stembureau en een voldoend aantal plaatsvervangende leden.

  2. Als lid en plaatsvervangend lid van het stembureau kunnen worden benoemd degenen die op de dag van de stemming de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt en na het volgen van een training naar het oordeel van burgemeester en wethouders over voldoende kennis en vaardigheden beschikken op het terrein van het verkiezingsproces, met uitzondering van degenen:

    1. die op de dag van de kandidaatstelling bij onherroepelijke rechterlijke uitspraak van het kiesrecht zijn ontzet;

    2. die als lid van het hoofdstembureau dan wel het centraal stembureau voor de desbetreffende verkiezing zijn benoemd;

    3. die als stembureaulid bij een vorige verkiezing hebben gehandeld of een handeling hebben nagelaten in strijd met het bij of krachtens deze wet bepaalde.

  3. Het lidmaatschap van het stembureau eindigt van rechtswege nadat over de toelating van de gekozenen is beslist.

  4. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de training, waaronder regels over een toets. Hierbij kan worden bepaald dat uitsluitend degenen die de toets met goed gevolg hebben afgelegd als lid of plaatsvervangend lid van het stembureau kunnen worden benoemd.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Kieswet